Steun ons en help Nederland vooruit

donderdag 29 augustus 2019

Het Geelvinck museum houden of wegsturen?

Het pianomuseum Het Geelvinck is al een tijdje onderwerp van gesprek. Het Polakmuseum verhuisde 3 jaar geleden en het was een uitkomst dat er al zo gauw een nieuwe bewoner gevonden werd in de vorm van het pianomuseum. Met een contract van 2 jaar en een intentieverklaring dat er na 2 jaar meer definitieve afspraken gemaakt zouden worden werd het museum halverwege 2017 geopend.

Ik vermeld hier graag de inspreekreactie van Cor Witbraad, inwoner van Zutphen en oprichter en voormalig voorzitter Cultureel Platform Zutphen, enige tijd geleden in het forum:

Ik maak mij grote zorgen om Zutphen, dat weer een veer lijkt te gaan laten op het gebied van de cultuur. Dit keer gaat het om het instituut Geelvinck. Ik spreek met opzet van instituut, omdat ‘het Geelvinck’ veel meer is dan een museum alleen.
Om te beginnen is er de collectie historische piano’s, bijeengebracht, voor het grootste deel, via het conservatorium Amsterdam, het instituut zelf én door Dunya Verwey en Jurn Buisman, u wel bekend.
De collectie staat centraal. Er wordt uit geput door allerlei instellingen. Soms voor een eenmalige gebeurtenis, soms structureel, zoals in Amsterdam waar vier forte piano’s in een studieruimte staan en voor studiedoeleinden.worden gebruikt. Een ander structurele bruiklener is uiteraard het – inmiddels eigenlijk ons – MuziekMuseum aan de Zaadmarkt. Daar worden de piano’s getoond, maar er wordt ook gespeeld én, vooral eigenlijk, van alles omheen georganiseerd. Concerten, festivals, masterclasses, door docenten en uitvoerenden, voor jongeren/conservatoriumstudenten van over heel de wereld. Die zijn van hoog niveau en dat valt te merken aan het publiek. Dat komt overal vandaan. Uit Zutphen, gelukkig, maar ook uit de rest van Nederland. Er komen er zelfs, behoorlijk wat, van buiten Nederland. Dat is ook niet zo gek. Niet gek gezien het niveau dat ‘het Geelvinck’ biedt, niet gek gezien haar naam en faam.
Voor de masterclasses bijvoorbeeld wordt samengewerkt met de conservatoria van Amsterdam en Den Haag (niet de minste in ons land), maar ook met die van Moskou,Tokyo, Brussel en noem maar op.Van groot belang voor dit alles is uiteraard het hebben van een goede behuizing. Die is twee jaar geleden gevonden in De Wildeman aan de Zutphense Zaadmarkt en sinds die tijd profiteert de stad mee van wat het instituut presenteert en presteert. Cultureel en economisch. Het laatste met name doordat de bezoekers van het MuziekMuseum natuurlijk ook gebruik maken van wat de stad overigens te bieden heeft. In dit alles dreigt nu de klad te komen.
De gemeente wil De Wildeman te gelde maken. Zij gaat daarbij voor de marktconforme prijs. Duidelijk is dat ‘het Geelvinck’ die prijs niet kan betalen (niet wil ook gezien de staat van het pand na jaren en jaren gemist gemeentelijk onderhoud). Naar ik begrijp zijn er wel alternatieve oplossingen door ‘het Geelvinck’ aangedragen, maar daarvoor had de wethouder geen oor. Dat is overigens niet de wethouder van Cultuur, maar de wethouder die staat voor de verkoop van gemeentelijk vastgoed. Het geluid klinkt dat het pand aan het Wijnhuisfonds zal worden verkocht, die er appartementen in gaat realiseren én, jawel, horeca. Tja. Het zal u duidelijk zijn ik vind ‘het Geelvinck’ belangrijk voor de stad Zutphen. Ik vind ook dat het behouden moet blijven voor de stad, ondanks de financiële nood. Zo’n juweel moeten we koesteren en je kan haar ook maar een keer wegdoen. Want u weet het, weg is weg. Dat heeft Zutphen al eerder meegemaakt. Kortom, de tijd van het kleine denken is voorbij. Zorg dat we de stad blijven die meer te bieden heeft dan alleen voor de hand liggende leukigheden. Zutphen wil cultuurstad van het Oosten zijn. Doe daar dan ook wat voor. Van wat Zutphen nu van plan is, wordt de stad niet rijker. Ja financieel een ietsje, maar verder niet.

Kort samengevat: de wethouder, cq. de gemeente wil het erfgoed verkopen vanwege een directe opbrengst. Gezien de historische staat van het pand en de complexe situatie met de schuilkapel, welke eigendom is van het Wijnhuisfonds, zal het voor een projectontwikkelaar alleen aantrekkelijk zijn om het pand tegen een uiterst lage prijs aan te kopen en dat er soepel met het bestemmingsplan wordt omgegaan. Daarmee wordt onze schatkist met slechts weinig Euro’s aangevuld, zijn we een stuk erfgoed voor eeuwig kwijt en jagen we een museum weg dat een bewezen culturele functie vervult. Het voorstel van het bestuur van het Geelvinck houdt in dat er kostenneutraal gebudgetteerd kan worden. M.a.w. geen geld uit de gemeentekas, ook geen opbrengst uit verkoop en ook geen huuropbrengst op de korte termijn. Wel een huuropbrengst na ca. 5 jaar.

D66 heeft het college verzocht om een constructieve dialoog te voeren met het bestuur van het Geelvinck museum. Tot nu toe gaat dat gesprek niet over het behoud van pand en museum op basis van een neutrale kostenbegroting, maar wordt door het college slechts eenzijdig ingezet op verkoop van het pand aan een projectontwikkelaar, waarbij het probleem schuilkapel nog met het Wijnhuisfonds opgelost moet worden. Het Wijnhuisfonds kan een belangrijke rol spelen door aankoop en beheer van het pand Wildeman met behoud van de museumfunctie. Het Wijnhuisfonds maakt uiterlijk vrijdag 31 augustus haar besluit wel of niet overgaan tot aankoop bekend. Het Geelvinck museum zelf heeft ook een bod uitgebracht. D66 hoopt dat welke partij dan ook die het pand gaat aankopen dat er een mogelijkheid gevonden wordt om met elkaar te samenwerken. Zodat de culturele functie van de Wildeman en het Geelvinck museum bewaard blijft voor Zutphen.

Forumlid Pieter van der Hammen